De dramaturgie van het MartHa!tentatief uitgelegd in zes krachtige hoofdstukken en een inleiding
Inleiding
De lente van het jaar 2008. Het fenomenale MartHa!tentatief brengt de voorstelling Klein Jowanneke Gaat Dood tweemaal voor een uitverkochte Arenbergschouwburg en speelt drie thuismatchen in een uitzinnige zaal Roma te Borgerhout. Magic Palace wordt hernomen in den Bourla in het festival Antwerpse Kleppers en speelt vijf uitverkochte voorstellingen in de Roma. En nog eens een maand later slaagt onze acteur-marktkraamverkoper er voor de 67ste keer niet in om tijdens een internationaal theaterfestival te Liverpool de Tornado Dragon-stofzuiger ofte De Stormdraak te verkopen.
Men kan zonder overdrijven stellen dat het MartHa!tentatief vanuit de marge van het theaterlandschap in de richting van het centrum is opgeschoven. Het is de vraag of we met deze evolutie blij moeten zijn, of vooral op onze hoede. We neigen naar het tweede. Natuurlijk zijn wij blij met de onmiskenbare professionalisering van onze werking, met het feit dat de meeste cultuurcentra de naam van ons gezelschap nu wel kunnen uitspreken en met volwaardige persaandacht voor onze premières. Maar desondanks, of net daarom, moeten we blijven nadenken over wat we betekenen in het landschap, en wat het MartHa!tentatief nu net zo uniek maakt.
Een breed publiek
Een van de opvallendste eigenschappen van het MartHa!tentatief is haar publiek. Het is een publiek dat het MartHa!tentatief op zeer organische wijze, voorstelling per voorstelling, voor zich gewonnen heeft. Vrienden en familie vormden de basis, en via lange speelreeksen op ongewone plekken en de bijhorende mond-aan-mondreclame, langsheen voorstellingen in samenwerking met de Zomer van Antwerpen, Antwerpen Open, de Roma en door een slagvaardige publiekswerking hebben wij doorheen de jaren een zeer eigen en trouw publiek aan ons weten te binden. We spelen alsmaar langere reeksen, voor meer en meer toeschouwers. En dat ligt in de eerste plaats aan het feit dat wij toneel maken over het nu, over de complexe realiteit waarin wij ons, tesamen met ons publiek, bevinden. En dat dat leven in het leven op het toneel herkend wordt.
Toneel over het gehele leven
'Om de tien-twintig jaar moet er ene opstaan om het gehele Leven opnieuw neer te schrijven omdat het vorige al lang niet meer telt' (L. P. Boon)
Binnen het theaterlandschap is het MartHa!tentatief wat betreft haar repertoire een beetje een buitenbeentje. Zelden of nooit worden er bestaande toneelteksten gespeeld en slechts heel af en toe ligt er een boek aan de basis van een voorstelling. Bijna alle andere voorstellingen werden geschreven door de auteurs van het MartHa!tentatief; Johan Petit en Bart Van Nuffelen. Het is mede daaraan te danken dat het MartHa!tentatief zijn unieke stem verkregen heeft. Wat opvalt is dat hun stukken in de loop der jaren almaar persoonlijker zijn geworden en dat de voorstellingen worden geboren uit de simpele dingen die zij elke dag rondom zich zien, lezen en meemaken. Waarna er een groot verlangen ontstaat om over dat eigen, alledaagse - maar vaak ook buitengewone leven - een toneelstuk te maken.
Een MartHa!voorstelling tracht het Gehele Leven zo particulier mogelijk te beschrijven, omdat we geloven dat de echte herkenning (één die universeel van aard is en niet anecdotisch zoals dat bij soaps het geval is) pas dan ontstaat wanneer de lens maximaal ingezoomd wordt. Want het eigen leven kan slechts in een ander herkend worden, als dat andere leven zo nauwkeurig en diepgaand mogelijk beschreven wordt. Omdat we niet alleen de geoefende, maar ook de ongeoefende toeschouwer willen beroeren, wordt tijdens het schrijven en repeteren altijd opnieuw gezocht naar manieren om de toneelstukken verschillende betekenislagen mee te geven. Een van de middelen die wij hiervoor hanteren is het gebruik van humor. Al onze stukken zijn in meerdere of mindere mate humoristisch . We doen dit nooit bewust. Op een of ander manier sluipt dit er elke keer in. Via de lach willen we mensen op sleeptouw nemen, willen wij diep van binnen ergens een snaar doen trillen.
Een belevenis met vlaggeskes
Het MartHa!tentatief speelt van oudsher toneel op locatie. Naast een weldoende onafhankelijkheid en de mogelijkheid tot een grotere beeldende scheppingskracht heeft ons dat ook geholpen dat brede publiek op te bouwen. Een voorstelling van het MartHa!tentatief wil een belevenis zijn. Waar mogelijk creëren we een feestelijke sfeer, of zoals we dat oneindig beter hoorden uitdrukken, door een toeschouwer na een voorstelling; 'het MartHa!tentatief, die doen altijd alles met vlaggeskes'. Vele andere gezelschappen - en wij kunnen deze evolutie alleen maar toejuichen - hebben de laatste jaren de voordelen van locatietheater ontdekt. Toch neemt het MartHa!tentatief ook hier nog altijd een ietwat aparte plaats in. In de loop van de voorbije jaren is onze locatiewerking immers geëvolueerd van het obligate spelen in een groot leegstaand gebouw naar het bespelen van de publieke ruimte. Na eerdere geslaagde experimenten met De Zoologie (onder de bomen van de Antwerpse Zoo) en Den Open Haard (op een ijzige vlakte aan de Schelde) gingen we met De Stormdraak (op markten overal te lande) nog een stapje verder.
Het MartHa!tentatief zal ook in de toekomst locatietheater blijven maken. Niet alleen zou het van een grote domheid getuigen om onze jarenlange expertise zomaar overboord te gooien, wij kunnen het uitdagende karakter ervan ook moeilijk missen. Het spelen op locatie zorgt ervoor dat de uitgangspunten elke keer opnieuw veranderen. Dit heeft tot gevolg dat we telkens opnieuw, locatie per locatie, onze toneeltaal moeten heruitvinden.
Het MartHa!tentatief en de stad
Het MartHa!tentatief is veel meer dan andere gezelschappen een 'stadsgezelschap'. Niemand anders neemt de stad dusdanig stelselmatig als onderwerp van haar voorstellingen en misschien nog belangrijker; niemand is dusdanig met de stad verweven als wij. Om te beginnen wonen en leven wij in de stad, doorheen de jaren speelden we in ongeveer elke buurt of wijk die er in Antwerpen te vinden is en werkten we, vaak structureel, met tal van andere stads-actoren samen.
De reden waarom wij er elke keer opnieuw voor kiezen om toneel te maken over de wijk en de stad waarin wij wonen, is een logisch gevolg van onze kijk op de wereld. De stad is de plaats waar de wrijving tussen vroeger en nu het hevigst is en waar de complexiteit van de veranderende wereld zichtbaar wordt. Zelfs Antwerpen - in vergelijking met Brussel, Parijs of Londen amper een voorschoot groot - is vandaag als stad een complex gegeven, waar processen nauwelijks nog te sturen zijn. In de stad komt de hele wereld samen. De hele wereld woont bijna letterlijk naast onze deur. En daarom vinden wij het belangrijk om toneel te maken in en over de stad, en dus in en over de hele wereld.
Toch is het geenszins onze bedoeling om 'Antwerps' theater te maken. Wel is het onze ambitie om vanuit het eigen lokale leven - in casu de stad Antwerpen - universele verhalen te puren die exporteerbaar zijn, in eerste instantie naar de rest van Vlaanderen en in tweede instantie naar de wijde wereld.
Zo was de voorstelling Magic Palace levende Antwerpse geschiedenis op de scène: een stroom getuigenissen over de woelige jaren 30, de hoogdagen van de danspaleizen, de bloeiende Antwerpse jazzscène en dansvloeren vol wervelende levens in de startblokken. Maar meer nog, en oneindig veel belangrijker, was deze voorstelling een pakkend relaas over de onontkoombaarheid en de onherroepelijkheid van het eindige leven.
Diversiteit
We hebben lang getwijfeld om diversiteit als apart hoofdstuk te behandelen. En wel omdat het omgaan met de diversiteit eigenlijk inherent is aan leven in en werken rond een moderne stad. Het MartHa!tentatief heeft doorheen de verschillende voorstellingen een zeer eigen discours ontwikkeld over stedelijke samenlevings-problemen, zoals die zich in Antwerpen voordoen.
Toch vinden wij van onszelf dat onze werking en onze voorstellingen nog te weinig de snelveranderende, multiraciale werkelijkheid van de hedendaagse stad weerspiegelen. De laatste jaren wordt onze samenleving alsmaar meer en alsmaar sneller multiraciaal. In 2006 hadden meer dan 2,1 miljoen mensen in België minstens één ouder van buitenlandse afkomst, tegenover 1,4 miljoen mensen in 1991. (cijfers federaal planbureau, bevolkinsgsvooruitzichten 2007-2060)
Vandaag worden wij meer nog, véél meer nog dan vroeger geconfronteerd met 'het vreemde', met mensen, talen en culturen die wij niet begrijpen. En als er één ding is dat het MartHa!tentatief hoog in het vaandel draagt dan is het dit: wij willen begrijpen. Als wij toneel willen maken over vandaag, dan moet ook dit veelkleurige, voor ons vaak onbegrijpelijke leven zich tonen in onze stukken. Dit vertaalt zich dan ook in een aantal voorstellingen die deze problematische diversiteit als onderwerp hebben.
Op weg naar Utopia
De voorstellingen van het MartHa!tentatief nemen binnen het huidige theateraanbod zowel vormelijk als inhoudelijk een unieke plaats in. Hoe verscheiden van opzet en onderwerp de toneelstukken van het MartHa!tentatief ook zijn, toch worden zij gekenmerkt door een gezamelijke en uiterst herkenbare toon. Er bestaat een soort van onderstroom die al onze dromen en ideeën over toneel verbindt. Deze onderstroom heeft een optimistisch karakter. Dat is geen verdienste. Dat is een feit. Het MartHa!tentatief zoekt naar beweeglijkheid en openingen in een snel verglijdende maatschapelijke realiteit.
De hedendaagse realiteit is dermate complex dat zij in al haar volledigheid nooit te beschrijven of te vatten zal zijn. Toch leidt dit verlies van zekerheden bij het MartHa!tentatief niet tot eenzaamheid, vervreemding en immobiliteit, maar integendeel juist tot dynamisme en mogelijkheidszin. Dit dynamisme ontstaat doordat wij niet alleen weigeren te aanvaarden dat er absolute zekerheden bestaan, maar ook dat er absolute onmogelijkheden bestaan. Elke verandering brengt naast verlies ook perspectieven en mogelijkheden met zich mee. De filosoof Sjestow, verwoordde het in 1905 zo:
'De mens is wonderbaarlijk! Zonder er iets over te weten, verkondigt hij dat er een objectieve onmogelijkheid bestaat. Nog niet zo lang geleden, vóór de uitvinding van de telefoon en de telegraaf, achtte men het onmogelijk om vanuit Europa met Amerika te converseren. Vandaag is het mogelijk.'
Zo komen wij stilaan tot de kern van de MartHa!dramaturgie. Waar onze personages vroeger vaak nog werden overweldigd door de ontelbare keuzes, door hun menselijke tekortkomingen en door de immense vrijheid, laten zij zich vandaag niet langer omver blazen door de chaos. Nee, ze kiezen. Ze kiezen zich een werkelijkheid.
Het MartHa!tentatief maakt toneel in het volle bewustzijn dat wij Utopia nooit zullen bereiken. Toch zijn wij er naar op zoek. Wij organiseren onze eigen queeste: een praktische zoektocht naar iets dat enkel in de verbeelding bestaat, maar dat desalniettemin effect creëert. Of zoals we het ooit in één van onze toneelstukken zegden:
'En voor het slapengaan las ik dan, om te bekomen van de opwinding, een boek. En weer werd ik plots omver geslagen. Ene Sjestow beschreef een experiment met een aquarium met uitneembare glazen tussenwand. Deze wand kon men zonder problemen verwijderen, zonder dat de vis, die aan zijn ruimte gewend was, ooit probeerde naar het andere deel door te zwammen. Hij zwam tot een bepaald punt in het water, keerde en zwam vrolijk terug, zonder in de gaten te hebben dat de barrière opgeheven was.
Ik vertelde iedereen hierover, de scepticus sleurde ik mee naar de Zoo, naar het gebouw waar men vogels gevangen houdt met een truc, met een kooi die aan drie zijden helder verlicht is.De vierde wand is het zwarte niets, een verduisterde gang met daarachter, daarbuiten: de wijde wereld, duizend bomen om in en rond te vliegen. En zo toonde ik hem hoe wij als bange vogels verder leven in een enge, nagebootste wereld die slechts een tweedehandsafspiegeling van de echte is; een open kooi met plastieken tak en geschilderde horizon, en hoe wij van tak naar tak ter plaatse springen uit angst voor de grote onbekende sprong.
En zo toonde ik onomstootbaar aan hoe geloof, opvoeding, stadslandschappen, gewoontes, leefregels; hoe dit alles u als mens beperkt, in een hoek dringt, willoos maakt. Ik ontdekte dat alles anders kon. Dat men voorwaarts kan gaan door achterwaarts te lopen, dat een afgehakte wilgentak die ondersteboven wordt geplant, mits voldoende water en meststoffen, opnieuw kan uitgroeien tot een boom, dat wetenschappelijk onderzoek uitgewezen heeft dat de hoeveelheid muggen groter is op plaatsen waar er armoede heerst, dat de Chaostheorie tegenover de Newtontheorie staat en dat de synthese van deze twee de Complexiteits-theorie is, een beetje zoals één en één ook twee is, en dat ik geen één van deze drie theorieën begreep en de mensen aan wie ik dat alles vertelde ook niet, en dat het geen belang had. Want bovenal ontdekte ik dit: alles is mogelijk .
